Морган Райс

De Opkomst Van De Draken


Скачать книгу

blik van bravoure—iets dat ongetwijfeld werd aangewakkerd door alcohol. Ze haalden hun speren tevoorschijn en deden een paar stappen naar voren. Braxton zag dat Aidan bleef staan, en hij greep de jongen bij zijn schouder en duwde hem ook naar voren.

      “Dit is een kans om een man van je te maken,” zei Braxton. “Dood dat zwijn en ze zullen nog generaties over je zingen.”

      “Neem zijn kop mee terug en je bent beroemd,” zei Brandon.

      “Ik ben… bang,” zei Aidan.

      Brandon en Braxton begonnen spottend te lachen.

      “Bang?” zei Brandon. “En wat zou Vader zeggen als hij je dat hoorde zeggen?”

      Het zwijn tilde ineens zijn kop op en staarde hen aan met zijn gele gloeiende ogen. Het deed zijn bek open, en zijn slagtanden werden zichtbaar. Hij begon te kwijlen, en er rees een kwaadaardig gegrom op van ergens diep in zijn buik. Zelfs vanaf haar afstand voelde Kyra een steek van angst—en ze kon zich alleen maar voorstellen hoe bang Aidan moest zijn.

      Kyra stormde naar voren, vastberaden om haar broers in te halen voor het te laat was. Ze was nog maar een paar meter bij hen vandaan toen ze uit riep:

      “Laat hem met rust!”

      Haar stem sneed door stilte, en haar broers keken verschrikt op.

      “Jullie hebben je lol gehad,” voegde ze toe. “Laat het gaan.”

      Aidan keek opgelucht, maar Brandon en Braxton waren allesbehalve blij om haar te zien.

      “En wat weet jij er van?” schoot Brandon terug. “Bemoei je niet met echte mannen.”

      Het zwijn begon te grommen, en terwijl het langzaam naar hen toe begon te lopen, deed Kyra, die doodsbang en woedend tegelijk was, een stap naar voren.

      “Als je dwaas genoeg bent om dit beest tegen je in het harnas te jagen, ga je gang,” zei ze. “Maar dan stuur je Aidan terug naar mij.”

      Brandon fronste.

      “Aidan red zich wel,” antwoordde Brandon. “Hij staat op het punt om te leren vechten. Ja toch, Aidan?”

      Aidan zweeg, doodsbang.

      Kyra wilde net nog een stap nemen en Aidan bij zijn arm pakken toen ze beweging detecteerden op de open plek. Ze zag het zwijn dichterbij komen, stapje voor stapje, dreigend.

      “Het zal niet aanvallen als het niet geprovoceerd wordt,” drong Kyra aan. “Laat het gaan.”

      Maar haar broers negeerden haar, en hieven hun speren. Ze liepen de open plek op, alsof ze wilden bewijzen hoe moedig ze wel niet waren.

      “Ik mik op zijn kop,” zei Brandon.

      “En ik op zijn keel,” stemde Braxton in.

      Het zwijn begon nog luider te grommen, kwijlend, en deed nog een dreigende stap.

      “Kom terug!” riep Kyra wanhopig uit.

      Maar Brandon en Braxton haalden uit en wierpen hun speren.

      Kyra keek met ingehouden adem toe hoe de speren door de lucht vlogen. Ze zette zich schrap. Tot haar ontsteltenis zag ze Brandons speer zijn oor schampen, genoeg om bloed te doen verschijnen—en het te provoceren—terwijl Braxtons speer voorbij zeilde en zijn kop op bijna een meter na miste.

      Voor het eerst keken Brandon en Braxton echt bang. Ze stonden daar, een domme blik in hun ogen, en de roes van hun alcohol werd vervangen door angst.

      Het zwijn bracht zijn kop omlaag, gromde luid, en viel ineens aan.

      Kyra keek vol afschuw toe hoe het beest op haar broers af denderde. Ze had nog nooit zoiets groots gezien dat zo snel was. Het stormde door het gras alsof het een hert was.

      Terwijl het naderde, renden Brandon en Braxton voor hun levens, allebei een andere kant op.

      Aidan bleef alleen achter, verstijfd van angst. Zijn speer viel uit zijn hand op de grond. Kyra wist dat het weinig verschil maakte; Aidan zou zichzelf toch niet verdedigd kunnen hebben. Een volwassen man kon dat niet eens. Het zwijn leek het te voelen, en zette zijn zinnen op Aidan.

      Kyra’s hart ging hevig tekeer. Ze wist dat ze maar één kans had. Zonder na te denken stormde ze naar voren, tussen de bomen door. Ze had haar boog al voor zich, wetende dat ze maar één schot had en dat het perfect moest zijn. Het zou een lastig schot zijn, in haar paniekerige staat—maar het zou perfect moeten zijn als ze dit wilden overleven.

      “AIDAN, GA LIGGEN!” schreeuwde ze.

      Hij bewoog niet. Aidan stond in haar weg. Ze kon zo niet vuren. Terwijl Kyra rende, besefte ze dat als Aidan niet zou bewegen, ze geen kans zou hebben om te vuren. Ze struikelde door het bos, haar voeten glibberig in de sneeuw en natte aarde, en had even het gevoel dat alles verloren was.

      “AIDAN!” schreeuwde ze weer.

      Deze keer luisterde hij. Hij dook op het laatste moment omlaag, waardoor Kyra eindelijk een open schot had.

      Terwijl het zwijn op Aidan af denderde, vertraagde de tijd ineens voor Kyra. Ze voelde hoe ze een andere wereld betrad, hoe er iets in haar omhoog kwam dat ze nog nooit eerder had gevoeld. De wereld kwam in focus. Ze kon het geluid van haar eigen hartslag horen, haar ademhaling, het ritselen van de bladeren, het gekraai van een vogel hoog in de lucht. Ze had zich nog nooit zo in harmonie met haar omgeving gevoeld. Het was alsof ze een werkelijkheid had betreden waar zij en het universum één waren.

      Kyra voelde hoe haar handpalmen begonnen te tintelen. Het was een warme, prikkelende energie, als een onbekend iets dat haar lichaam binnenging. Het was alsof ze iets groters werd dan zichzelf, iets dat veel krachtiger was.

      Kyra liet zich leiden door haar instinct en de nieuwe energie die door haar heen stroomde. Ze zette zich schrap, spande haar boog, en liet los.

      Op het moment dat ze de pijl losliet, wist ze dat het een speciaal schot was. Ze hoefde niet te kijken om te weten waar de pijl het beest zou raken: in zijn rechteroog. Ze had met zoveel kracht gevuurd dat de pijl bijna dertig centimeter door zijn kop ging.

      Het beest gromde terwijl zijn poten onder hem vandaan gleden en het voorover in de sneeuw viel. Het gleed met laatste stukje van de open plek over, nog steeds in leven, en kwam slechts dertig centimeter voor Aidan tot stilstand.

      Het beest lag te stuiptrekken op de grond, en Kyra, die al een andere pijl in haar boog had gelegd, schoot hem door de achterkant van zijn schedel. Eindelijk bewoog het niet meer.

      Kyra stond in de stilte, haar hart bonzend. Ze voelde de tinteling in haar handen langzaam wegtrekken. De energie vervaagde, en ze vroeg zich af wat er zojuist was gebeurd. Had ze echt dat schot genomen?

      Ze herinnerde zich Aidan, draaide zich met een ruk om en greep hem vast. Hij keek naar haar op zoals hij naar zijn moeder zou hebben opgekeken, zijn ogen gevuld met angst, maar ongedeerd. Kyra werd overspoeld door opluchting. Hij was in orde.

      Kyra draaide zich om en zag haar twee oudere broers, die op de open plek lagen, naar haar staren met een blik vol schok en bewondering. Maar er was nog iets anders in hun ogen, iets waardoor ze zich ongemakkelijk voelde: achterdocht. Alsof ze anders dan zij was. Een buitenstaander. Het was een blik die Kyra eerder had gezien. Niet vaak, maar vaak genoeg om aan zichzelf te gaan twijfelen. Ze draaide zich om en keek neer op het enorme dode beest aan haar voeten en vroeg zich af hoe zij, een meisje van vijftien jaar oud, dit gedaan kon hebben. Het ging haar vaardigheden te boven, wist ze. Dit kon geen gelukstreffer zijn.

      Er was altijd al iets aan haar geweest dat haar anders maakte dan de anderen. Ze stond daar, verdoofd, niet in staat om te bewegen. Want wat haar nog het meest had geschokt vandaag was niet dit beest, maar de manier waarop haar broers naar haar hadden gekeken. En ze verwonderde zich voor de zoveelste keer over de vraag die ze haar hele leven had ontweken:

      Wie was ze?

      HOOFDSTUK DRIE

      Kyra liep achter haar broers aan terug naar het fort, en zag hen worstelen onder het gewicht van het zwijn. Aidan liep naast haar, en Leo, die